Tijdschrift voor landschapsonderzoek

2026-1 Boek

De betekenis van het landschap: een probleemstelling en een oplossing

Bijna elke dag steek ik de Rijn over. Ik zie het water traag bewegen, ik zie riviercruiseschepen, en soms nog een rijnaak. Het is alsof de Rijn al eeuwen zo stroomt. Maar ik weet dat het ooit anders was. Een riviervlakte is nu gevangen in een strakke bedding. Soms vind ik het maar een armzalig stroompje. De Rijn is met pensioen, zo lijkt het.

Ik heb twee boeken bij me over de betekenis van het landschap: het eerste is geschreven door Rob van Aerschot en heet ‘De Kloof. Of hoe landschappen culturen dragen’; het tweede van Robert Macfarlane heet ‘Leeft een rivier?’

Het eerste boek gaat over de wisselwerking tussen mens en landschap. Landschappen dragen culturen, betoogt het boek. Om dat te illustreren geeft het boek een uitgebreide beschrijving van de betekenis van het landschap in verschillende culturen: tribaal, Chinees, Japans, islamitisch en westers. Uit een caleidoscoop van beelden, beschrijvingen en beschouwingen ontstaat een breed overzicht. Maar, zo diagnosticeert het boek, klimaatverandering, verstedelijking en fragmentatie hebben ingebroken op de dragende relatie tussen landschap en mens. Er is een kloof ontstaan. Het boek spreekt de hoop uit dat deze kloof overbrugd kan worden door regionale culturen en tradities te verbinden met de grote opgaven van deze tijd.

Het tweede boek dat ik bij me heb onderzoekt een idee voor het overbruggen van die kloof: het idee dat een rivier leeft. Dit boek kijkt daarvoor niet naar grote samenhangen, maar beschrijft reizen naar drie rivieren en naar mensen die van die rivieren houden: in Ecuador het nevelwoud Los Cedros, in Zuidoost-India de waterstad Chennai, en in Canada de Magpie River. Het zijn geen reisbeschrijvingen, het zijn eerder verhalen van liefde, die laten zien hoe een schijnbaar levenloos object als een rivier een partner wordt, die als subject gezien en behandeld moet worden. Het lot van mens en rivier vloeit samen. Zelfs letterlijk, maar daarvoor moet je het boek helemaal uitlezen.

Beide boeken vullen elkaar aan. Het eerste stelt een probleem, het tweede schets een oplossing. Het eerste valt op door de illustraties, het tweede door vertelkracht. Natuurlijk is kritiek mogelijk op beide boeken. ‘De Kloof’ is erg breed en wil wel heel veel vertellen, maar gaat nauwelijks in op mogelijke oplossingen voor de geconstateerde kloof. ‘Leeft een rivier’ maakt de relatie tussen mens en landschap heel persoonlijk. Maar is het idee dat een rivier leeft wel krachtig genoeg om de kloof te dichten? Of is er meer nodig? Hoe het ook zij, beide boeken stimuleren het denken over de betekenis van het landschap, waarbij ik het een meerwaarde vond om ze in samenhang te lezen.

En de Rijn? Die stroomde voort.

WIM DE HAAS