Raoul Beunen, Redactie Landschap

Eenieder die de berichtgeving over de Nederlandse natuur op de voet volgt zal kunnen beamen dat positieve berichten daarin de laatste tijd weer de boventoon voeren. Denk aan de mooie verhalen over de Markerwadden, aan de zeearend, de kraanvogel en de visarend die zich als broedvogel hebben gemeld, en aan allerlei berichten die gretig worden gedeeld via de social media. Een hele verademing vergeleken met het nieuws van een aantal jaar geleden. Afgaande op al die berichten krijg je al snel de indruk dat de natuur in Nederland er goed voorstaat. De werkelijkheid is, zoals wel vaker, een stuk gecompliceerder. De positieve uitzonderingen verhullen dat veel soorten juist sterk achteruitgaan, vaak zonder dat het erg opvalt en zonder dat we goed weten waarom. Verder is het duidelijk dat veel natuurgebieden nog steeds kwetsbaar zijn. Een van de grote boosdoeners is de hoge stikstofdepositie.

Het is dan ook wrang dat veel van de partijen die verantwoordelijk zijn voor die hoge stikstofdepositie, inclusief de overheid, liever wegkijken van alle problemen. In plaats van het nemen van maatregelen om de stikstofdepositie flink te verminderen, heeft men via het Programma Aanpak Stifstof (PAS) voor elkaar gekregen dat er juist weer juridische ruimte komt voor activiteiten die leiden tot een hogere stikstofdepositie. In ruil daarvoor geeft de overheid een flinke som geld aan terreinbeheerders om stikstof uit het milieu te verwijderen via maatregelen zoals plaggen, maaien en begrazen. De gedachte daarachter is dat als je eerst flink wat stikstof uit het milieu haalt, het niet erg is als de depositie
daarna weer wat toeneemt. Of deze aanpak überhaupt gaat werken zoals wordt verwacht, is ook nog maar de vraag. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen leiden al snel tot meer stikstof dan er via maatregelen is verwijderd en de genoemde maatregelen lijken niet altijd even geschikt om de natuurkwaliteit te verbeteren. Een dergelijke aanpak is dan ook alles behalve een duurzame oplossing. Bovendien draait op deze manier de belastingbetaler op voor alle kosten. De vervuilers gaan vrijuit.

Het wordt dan ook tijd dat Nederland gehoor gaat geven aan het luider klinkend pleidooi voor een grondige verduurzaming van het huidige landbouwsysteem. Een dergelijke verandering komt echter niet vanzelf. Het is nodig dat natuurbeschermers een kritisch geluid laten horen en de noodzaak voor verandering blijven benadrukken. Uiteraard is het belangrijk om de successen te vieren en mensen te laten zien hoe mooi en bijzonder de Nederlandse natuur is. Maar het is niet slim om de kop in het zand te steken. De problemen rondom de veel te hoge stikstofdepositie lossen niet vanzelf op en elk uitstel maakt succesvol ingrijpen alleen maar lastiger en duurder.

Download pdf